Verzoek interpellatiedebat kustvisie

Fracties GroenLinks, D66, 50PLUS, PvZ, ZL en PVV dienden een verzoek in voor een interpellatiedebat met als onderwerp de kustvisie, te houden in de PS van 30 september. Dit verzoek werd gehonoreerd; verderop inhoud, toelichting en vragen.

In tweede termijn van dit debat kwamen GroenLinks, D66 en 50PLUS met een motie om in de Zeeuwse kustvisie een duidelijke begrenzing van de 'recreatieve hotspots' op te nemen: aangenomen. (zie bijlage)

Aan de voorzitter van Provinciale Staten, commissaris van de Koning, dhr. J.J.M. Polman

Nieuwerkerk, 27 september 2016
Onderwerp: verzoek tot het houden van een Interpellatiedebat

Geachte heer Polman,

Verzoek:

Langs deze weg dien ik als fractievoorzitter van GroenLinks, mede namens de Statenfracties van D66, PVV, 50PLUS, ZL en PvZ, een verzoek in tot het houden van een interpellatiedebat met als onderwerp de kustvisie.

Toelichting:

Hoewel het traject voor de vaststelling van de kustvisie in principe duidelijk is – in de vergadering van PS op 16 december a.s. dienen wij hierover te besluiten – is er de laatste maanden veel onduidelijkheid ontstaan over o.a. de status van dit stuk en de rol van diverse partners zoals de Zeeuwse kustgemeenten, het waterschap en andere belanghebbenden. Er is ambtelijk een tussenbalans gepresenteerd op 11 juli jl., maar dit leidt, gecombineerd met berichten uit de media over de alsmaar toenemende hoeveelheid aanvragen voor nieuwe dan wel zich uitbreidende projecten langs de kust, bij bovenstaande fracties tot meer vragen dan helderheid. Wij verzoeken daarom om een interpellatiedebat om duidelijkheid te verkrijgen en met elkaar vast te stellen wat nu wel en niet mogelijk is zolang er geen nieuw Omgevingsplan 2018-2024 is vastgesteld.

Aangezien het bij een interpellatiedebat gebruikelijk is dat er een interpellant optreedt, zal ik die rol op mij nemen. Wij verzoeken daarbij vriendelijk of u aan PS wilt voorleggen het debat zo vroeg mogelijk op de agenda te plaatsen en een tweede termijn toe te staan opdat ook aanvullende vragen van andere indieners mogelijk zijn. De hieronder geformuleerde vragen zijn vooraf geïnventariseerd bij de diverse partijen.

Wij kijken uit naar uw reactie (en het interpellatiedebat).

Met vriendelijke groet,

Gerwi Temmink, fractievoorzitter GroenLinks
Mede namens de fracties van D66, PVV, 50PLUS, ZL en PvZ

 

Mondelinge toelichting van het verzoek tijdens de vergadering door Gerwi Temmink: zie bijlage.

 

De vragen die partijen graag beantwoord zien tijdens dit debat zijn de volgende:

  1. Wat is de stand van zaken met betrekking tot het proces voor de totstandkoming en vaststelling van de Zeeuwse Kustvisie?
     
  2. Wat is de status van de Zeeuwse Kustvisie? Op grond van eerder verstrekte informatie is het niet meer en niet minder dan een van de bouwstenen voor het later op te stellen nieuwe Omgevingsplan 2018-2024. Bovendien is een visiedocument geen beleidsdocument. Een visie dient vertaald te worden naar (uitvoerings)beleid dat vastgesteld dient te worden door PS. Zijn deze veronderstellingen correct en van toepassing op de Zeeuwse Kustvisie?  
     
  3. Op 11 juli jl. zijn de woordvoerders van de fracties uit Provinciale Staten geïnformeerd over de stand van zaken in het proces naar de totstandkoming van de Zeeuwse Kustvisie. Daarbij is gesproken over een bestuursakkoord dat op 1 juli 2016 gesloten zou zijn tussen provincie, betrokken Zeeuwse kustgemeenten en het waterschap. Op vragen vanuit de gemeenteraad Sluis zou de wethouder hebben geantwoord dat er inderdaad een bestuursakkoord is vastgesteld op 1 juli jl. tussen de Zeeuwse kustgemeenten, het waterschap en de provincie, terwijl hiervan niets blijkt uit uw feitenrelaas d.d. 19 september jl. Wat is de status van dat evt. bestuursakkoord? Zijn hierin bijvoorbeeld al uitvoeringsbesluiten vastgelegd voor zodra de Zeeuwse Kustvisie is vastgesteld?
     
  4. Hoe verhoudt dit evt. bestuursakkoord zich tot de uiteindelijke Zeeuwse Kustvisie? Zijn de in dit bestuursakkoord gemaakte afspraken bijvoorbeeld bindend voor gemeenten en waterschap? Waarom wordt het als noodzakelijk gezien een apart bestuursakkoord te sluiten met deze overheden, terwijl er telkens verkondigd is dat iedere belanghebbende evenveel kans heeft zijn/haar input te leveren?  
     
  5. Uit dat feitenrelaas en de verdere planning over de Zeeuwse Kustvisie die deze maand aan alle fractievoorzitters is verstrekt, lijkt te volgen dat de Zeeuwse Kustvisie een beleidsdocument wordt dat door Gedeputeerde Staten wordt vastgesteld. Is dat juist? En als dit juist is, wat wordt dan de rol van Provinciale Staten bij de verdere totstandkoming van de Zeeuwse Kustvisie? We herhalen hier dat Provinciale Staten de kustvisie dienen vast te stellen en dat dit niet direct gezien kan worden als een beleidsinstrument. Mocht u als GS dit anders zien, wat verwacht u op 16 december a.s. in de PS-vergadering over de Zeeuwse Kustvisie dan nog van PS?
     
  6. Provinciale Staten van Zeeland hebben op 3 juli 2015 een breed gedragen motie aangenomen waarin duidelijk is aangegeven dat tot het moment dat de Zeeuwse Kustvisie is vastgesteld, buiten de recreatieve ‘hot spots’ terughoudend omgegaan moet worden met nieuwe bebouwing in de kustzone. Desondanks blijkt dat er nog steeds vele bouwprojecten (willen) worden gestart en/of uitgebreid, zo tonen diverse berichten uit de media aan. Bij de hiervoor aangehaalde bespreking op 11 juli 2016 werd ambtelijk aangegeven dat de Zeeuwse Kustvisie en het bestaande beleid van de ‘recreatieve hot spots’ met elkaar op gespannen voet staan. Vooral omdat de begrenzing van de hot spots slechts indicatief in het Omgevingsplan Zeeland is aangeduid. Is verantwoordelijk gedeputeerde Schönknecht het met ons eens dat het voor alle betrokken partijen helder moet zijn wat de begrenzing van de ‘recreatieve hot spots’ inhoudt? Wij brengen in herinnering dat hier al meerdere malen naar gevraagd is, ook vanuit de coalitiepartijen. Het staat al sinds 3 juli 2015 op de toezeggingenlijst van de Commissie Ruimte en is nog eens bekrachtigd op verzoek van het CDA op 12 februari 2016. Wanneer wordt een hiertoe strekkend voorstel aan de Zeeuwse Staten voorgelegd?

 

In tweede termijn kwamen GroenLinks, D66 en 50PLUS met een motie (zie bijlage) die wordt aangenomen met steun van SP, PvdA, CDA, PVV.

 

Zie ook: Brief GS 27 september 2016 met feitelijke informatie over proces Zeeuwse kustvisie