Rapport Rekenkamer "Vrijkomende agrarische bebouwing" en motie

Rekenkamer Zeeland heeft een rapport uitgebracht over haar onderzoek naar vrijkomende agrarische bebouwing (VAB) in Zeeland tot 2030. Gerwi Temmink dient een motie in met de strekking dat GS gedetailleerd onderzoek laten verrichten opdat de ‘asbestregeling’ niet als gevolg heeft dat leegstaande gebouwen niet worden gesaneerd omdat er zonnepanelen op zijn gelegd. Lees hier het Statenvoorstel en verderop de bijdrage van Gerwi.

De bijdrage van Gerwi:

Dank voorzitter,

Het rapport van de Rekenkamer Zeeland over “Vrijkomende agrarische bebouwing in Zeeland tot 2030” is helder opgezet en sluit af met een serie conclusies en aanbevelingen die stuk voor stuk duidelijk zijn. In de commissie heeft de fractie van GroenLinks hierover al haar waardering uitgesproken. We zijn ook blij dat GS onomwonden heeft aangegeven al die aanbevelingen te willen overnemen. Wij zien de uitwerking met belangstelling tegemoet.

Er is een aspect waarvoor GroenLinks nog eens extra aandacht wil vragen. Dat is nl. de dreiging van de verpaupering van het platteland wanneer leegstaand agrarisch vastgoed geen herbestemming vindt. En die kans is levensgroot, zeker nu het meer en meer om grotere schuren gaat. Bovendien ziet de fractie van GroenLinks nog een ander gevaar. Daar hebben we in de commissie ook al op gewezen, maar niet direct een duidelijk antwoord op gekregen. Daarom vraag ik het nogmaals aan GS:

“Hoe ziet GS het dreigende gevaar van verpaupering op het platteland in relatie tot het voornemen van de meeste Zeeuwse gemeenten om meer ruimte te bieden aan nieuwbouwwoningen, terwijl praktisch elke gemeente kampt met krimp?” Juist dan bestaat er nog meer kans op leegstand, denkt GL.

Bovendien kan de subsidieregeling voor zonnepanelen belemmerend werken om verpaupering te voorkomen. De Rekenkamer wijst daar ook op. Niet dat GL tegen zonnepanelen is, maar dan moet er ook wel sprake zijn van een herbestemming. En bovendien moet alle asbest in 2024 opgeruimd zijn. Volgens GroenLinks schrijft de wet dat voor. De provincie dient daar op toe te zien.

GS en PS moeten in het nieuwe Omgevingsplan 2018-2024 aantonen dat zij deze ongewenste ontwikkeling tegengaan. Daartoe adviseert de Rekenkamer PS om GS nader onderzoek op te dragen voor 2018. Dat advies neemt de fractie graag over en dat moet in de vorm van een motie. GS acht een dergelijk nader onderzoek een waardevolle aanvulling, zo geeft zij aan in haar reactie op dit rapport.

Tot zover mijn 1e termijn.

 

Motie nader onderzoek naar asbest in VAB

van het lid Gerwi Temmink
ontvangen: 27 september 2016

Provinciale Staten, in vergadering bijeen op 30 september 2016;

Gelet op:

  • Het verbod op asbestdaken dat in 2024 in werking treedt.
  • De afspraak dat eigenaren van VAB’s, doorgaans schuren, geacht worden deze verwijderingskosten zelf te dragen (maar daar vaak geen kans toe zien).
  • Het gegeven dat het hier om asbesthoudende gebouwen gaat: een kleine 700 van voor 2011 en nog zo’n 800 in de periode tot 2030; bij elkaar 1500 asbesthoudende gebouwen met een vloeroppervlakte van 57 ha (werkelijke grootte waarschijnlijk meer vanwege schuine daken).
  • De subsidieregeling voor het aanleggen van zonnepanelen op daken van o.a. deze schuren bij kan dragen aan het in stand houden van de omvang van de leegstandsproble¬matiek.

Overwegende dat:

  • Dat GS geacht wordt er op toe te zien dat de maatregelen om asbest op te ruimen voor 2024 gerealiseerd moet zijn.
  • Dat de subsidieregeling op zonnepanelen belemmerend kan werken voor de sanering van deze VAB’s zoals verwoord op pagina 11 en 13 in het rapport van de Rekenkamer “Vrijkomende Agrarische Bebouwing in Zeeland tot 2030”.
  • De Rekenkamer daarom PS aanbeveelt GS op te dragen een nader onderzoek te laten verrichten per gemeente.  
  • GS in haar bestuurlijke reactie op het rapport vermeldt deze gedetailleerde informatie van toegevoegde waarde te achten.  

Spreken als hun mening uit:

  • Dat GS en PS hier hun verantwoording moeten nemen om de asbestsanering en de sanering van de VAB’s goed te kunnen monitoren.
  • Dat GS daartoe voor 2018 een nader onderzoek zou moeten (laten) verrichten zoals aanbevolen door de Rekenkamer.

Dragen Gedeputeerde Staten op:

  • Een gedetailleerd onderzoek te (laten) verrichten zoals aanbevolen in op pagina 13 van dit Rekenkamerrapport met als kernvragen:
    1) Ga samen met elke Zeeuwse gemeente na wat de aard en omvang op perceelsniveau is van vrijkomende agrarische bebouwing vanaf 2000.
    2) Breng in kaart op welke wijze en in welke mate er sprake is (geweest) van herbestemming.
    3) Breng daarbij tevens de asbestproblematiek in kaart.
  • De uitkomsten van dit nadere onderzoek binnen een jaar te delen met PS.

En gaan over tot de orde van de dag.

 

…………………………………………………
Gerwi Temmink

Besluit:

Gedeputeerde Schönknecht vindt het geen goed idee als de provincie hier de uitvoerende rol zou pakken, dat is een net te zware rol. De provincie moet geen probleemeigenaar worden. Temmink is van mening dat de motie juist meer steun geeft om verder onderzoek te doen, samen met de andere betrokken partijen. Zo staat het in het rapport, niet meer en niet minder.

Het Statenvoorstel wordt aangenomen. De motie krijgt geen steun en wordt verworpen.