Verkiezingsprogramma 2015-2019 “ALLES GROEN EN WEL?”

INLEIDING

GroenLinks is een politieke partij van en voor mensen met idealen: een samenleving waar voor iedereen een plek is en een basis aan welzijn, nu en in de toekomst. Een sociaalgerichte partij dus, en een partij die zorgen heeft om het behoud van de basisvoorwaarden: het natuurlijke milieu en de daar aanwezige basisgrondstoffen. Dat vraagt om een levenshouding en een passende inzet om stappen te zetten in de goede richting. Op allerlei gebied: in het persoonlijke leven zaken als milieubewustzijn, consumptiegedrag, deelname aan de samenleving, keuzes bij het steunen van goede doelen. En keuzes in de politiek!

Wat betekent zo'n doelgerichte levenshouding voor het beleid van de provincie? Want daar gaat het nu om. Laten we ons vooraf realiseren dat het aantal concrete taken en bevoegdheden van de provincie tamelijk beperkt is. Over heel veel belangen gaat het Rijk; en heel veel andere belangrijke taken zijn inmiddels overgedragen aan de gemeenten, zoals vrijwel alle zorgtaken.

Wat blijft er te kiezen voor de provincie? In elk geval veel op het gebied van de ruimtelijke inrichting. Thema’s als veiligstellen van natuur en milieu; de zorg voor instandhouding en verbetering van biotopen die onmisbaar zijn in het ecologisch systeem; het stellen van eisen aan energiegebruik, grondstoffen en circulaire economie bij milieuvergunningen. Deze thema’s horen bij de idealen van GroenLinks.

Vanuit deze invalshoek is het verkiezingsprogramma van GroenLinks Zeeland geschreven: beperkt tot de taken waar de provincie reëel iets kan betekenen. Onze GroenLinks-bestuurders zullen op alle momenten waar dat uitkomt de algemene uitgangspunten van GroenLinks steunen. Deze vertegenwoordigers zullen dat op een positieve, constructieve manier inbrengen. Waar nodig uiterst kritisch, waar mogelijk juist ondersteunend als dat bijdraagt aan het behalen van onze doelen. Kortom: GroenLinks Zeeland staat voor Groen en Wel!

 

Zie ook onze standpunten en speerpunten
En wat hebben we gedaan de afgelopen jaren: verantwoording

 

N.B.: Klik op de titel voor de volledige tekst van het verkiezingsprogramma

 

DE MENSEN

 

Alles gaat om mensen

 

Een waardig en zinvol bestaan van mensen, nu en op de lange termijn. Dat vraagt solidariteit en aandacht voor duurzaam consumptiegedrag, op heel veel terreinen, die vaak een samenhang vertonen. Vaak zijn belangen tegenstrijdig; dat vraagt om keuzes. Een eerlijke verdeling van werk is een van de opdrachten voor de toekomst. Daar hangt een andere inkomstenverdeling mee samen, een verdeling die niet alleen gekoppeld is aan de uren die men werkt. En de overtuiging dat geluk afhangt van meer dan geld alleen. Rust en ruimte om te leven zijn cruciale voorwaarden - en dat is wat Zeeland aan mensen te bieden heeft. Dat moet de inzet zijn van de provinciale politiek.

 

1.   Allerlei zorgtaken

Mensen hebben in tal van omstandigheden hulp en zorg nodig, variërend van jeugdzorg tot gehandicap­tenzorg of ouderenzorg. Met de door het Rijk doorgevoerde vergaande decentralisatie van zorgtaken naar de gemeenten, is er echter voor provinciaal beleid op het gebied van zorg geen plaats meer. De gemeenten regelen de zorgvoorziening zelf, veelal door onderlinge samenwerking.

Ook op het gebied van de gezondheidszorg heeft de provincie geen taak; de ziekenhuizen bijvoorbeeld zijn autonome instituten die onder toezicht van het Rijk vallen. Er is dus geen draagkracht voor provinciale bemoeienis in de recente discussie over vestigingsplaatsen van ziekenzorg in Zeeland. Voor GroenLinks telt overigens eerder de kwaliteit van de zorg dan het aantal (decentrale) voorzieningen.

Wel zien we een rol als het gaat om organisaties die op provinciaal niveau vrijwilligerswerk coördineren en faciliteren; die verdienen provinciale ondersteuning. Zoals Het Klaverblad, samenwerkingsverband van provinciale organisaties, dat opkomt voor de belangen van gebruikers van zorg- en dienstverlening.

 

2.   Scholing en opleiding

Wat GroenLinks betreft ondersteunt de provincie het behoud van noodzakelijke onderwijsinstellingen. Een belangrijk punt is ook het wegnemen van drempels om ‘over de grens’ in België te studeren. Scholing - in de vorm van laagdrempelige en goed bereikbare cursussen – voor ouderen is ook belangrijk om staande te blijven op de digitale snelweg. De bibliotheken vervullen hier een belangrijke functie, met zoveel mogelijk decentraal aanbod. De Zeeuwse Bibliotheek krijgt hiervoor steun en middelen. De provincie zou het aanbod van vrijwilligershulp kunnen stimuleren en faciliteren.

 

3.   Recreatie en ontspanning

Zeeland is een provincie met ongekende mogelijkheden voor recreatie en ontspanning: de stranden, de binnenwateren, het uitgestrekte platteland. En de vele karakteristieke dorpen en steden. Een belangrijke doelstelling voor GroenLinks is behoud van natuur en landschap. Kleinschalige, rustige recreatie (wandel­routes, fietsroutes, kamperen bij de boer) hebben de voorkeur boven vormen van sport of recreatie die een verstoring van rust voor mens en landschap veroorzaken. GroenLinks is tegen het gebruik van stranden als plek voor permanente recreatiewoningen. En grote vakantieparken, met hun nogal ruige impact op ruimte en samenleving, zijn er in Zeeland intussen meer dan genoeg.

 

4.   Bereikbaarheid en openbaar vervoer

Voor het onderlinge verkeer van mensen is goede bereikbaarheid – voor sociale contacten, essentiële zorgvoorzieningen en het genieten van cultuur en ontspanning - van levensbelang. GroenLinks wil zoveel mogelijk vormen van openbaar vervoer behouden, liefst met een algemene dienstregeling. Waar dat niet haalbaar is, moet een goed werkend aanbod van vervoer op maat en op afroep beschikbaar zijn. Inzet van vrijwilligers kan daarbij ondersteunend zijn.

Versterking van een goede treinverbinding naar bestemmingen buiten Zeeland is belangrijk, net als de terugkeer van de Intercity. Zeeland heeft veel te bieden als woonplek voor werkers in de Randstad; wij willen die aantrekkelijkheid uitbuiten. Ons pleidooi geldt ook voor de instandhouding van het fietsvoetveer Vlissingen-Breskens. Het zoeken naar creatieve vormen van (openbaar) vervoer over het water behoort wat GroenLinks betreft tot de mogelijkheden.

De verzorging van het openbaar vervoer is door het Rijk vergaand geprivatiseerd. De provincie is verantwoordelijk voor de (periodiek open te stellen) aanbesteding en dient aandacht te hebben voor bijzondere doelgroepen. Sturend optreden is gewenst; de provincie moet die rol met grote duidelijkheid oppakken. Vanwege de geringe bevolkingsdichtheid verdient het aanbeveling te zoeken naar effectieve en klantvriendelijke alternatieven voor de vaste lijnroutes. GroenLinks vraagt dan ook aandacht voor een dekkend en klantvriendelijk systeem van verschillende, elkaar aanvullende vervoersdiensten, waaronder vervoer op maat en op afroep. Niet de positie van het ene bedrijf naast het andere, maar de behoefte van de burger dient het uitgangspunt te zijn. Wij pleiten voor inzet van materieel dat het milieu zo min mogelijk belast. En nogmaals: adequate verbindingen met gebieden buiten Zeeland (Rijnmond, Brabant, België) zijn van groot belang.

 

5.   Jong en oud

De samenstelling van de bevolking verandert: het aantal ouderen neemt toe. Voorzieningen in het belang van de leefbaarheid voor ouderen zijn daarom nodig. Dat zal niet altijd lukken in kleine woongemeen­schappen en in dorpen. Daarom is aandacht voor mobiliteit en bereikbaarheid van voorzieningen bij het regelen van openbaar vervoer essentieel.

Wat zou het mooi zijn als er – vooral in kleine woongemeenschappen – actieve vormen van solidariteit te vinden zijn tussen verschillende bevolkingsgroepen: jong en oud, werkenden en niet-werkenden, gefortuneerden en minder gefortuneerden, autochtone bewoners en mensen die van elders komen. We bedoelen dan niet alleen traditionele, gestructureerde instellingen als verenigingsleven, sport, cultuur of politiek. We hopen juist op vernieuwende initiatieven die op een andere manier verbindingen leggen in de samenleving. Solidariteit op kleine schaal, zoals hulp en voorlichting bij deelname aan digitale sociale netwerken. Woonvormen waarbij ouderen en jongeren elkaar steunen. Lokale initiatieven voor het versterken van sociale cohesie verdienen veel steun, ook van de provincie.

De traditionele jeugdzorg is overgedragen aan de gemeenten. De provincie faciliteert activiteiten die in algemene zin bijdragen aan een gunstig klimaat voor jongeren, zoals festivals en sportactiviteiten. Ook vrijwilligersorganisaties die op provinciale schaal actief zijn, verdienen ondersteuning van de provincie.

 

6.   Kunst en cultuur

Zonder kunst en cultuur geen bezieling, vernieuwing en vooruitgang. Zeeland heeft veel te bieden; meer mensen moeten de kans krijgen om kunst te ervaren en ervan te genieten. Daarnaast is er echter de uitdagende confrontatie met nieuwe uitingen van cultuur en met andere culturen. Dat kan de kijk op het eigen leven en op het leven in de samenleving verrijken en veranderen. Een gevarieerd cultuuraanbod draagt tevens bij aan de aantrekkelijkheid van Zeeland, waar het goed wonen en verblijven is.

Het culturele aanbod – voor jong en oud - moet veelzijdig zijn en goed gespreid over de regio’s plaats­vinden. Professionele beeldend kunstenaars, vormgevers en architecten die in Zeeland wonen, werken of er hun wortels hebben, moeten worden gestimuleerd om creatieve bijdragen te leveren aan de Zeeuwse samenleving. Bekende festivals met internationale uitstraling moeten vooral blijven voortbestaan, omdat ze een grote aantrekkingskracht hebben op jong en oud. Zeeland biedt grote kansen voor land-art: harmonie van kunst en natuur, bv. op Neeltje Jans – wat wereldwijd toeristen zal trekken, met aanstormende of gerenommeerde kunstenaars.

De provincie is een belangrijke speler op het gebied van erfgoed. Niet alleen als uitvoerder van wettelijke taken en verdeler van subsidies voor bijvoorbeeld rijksmonumenten. Ook op het gebied van cultuur­educatie, archeologie, musea en immaterieel erfgoed vervult de provincie, als regisseur van bovenregionale samenwerking, een aanjagende rol. Als verbindend element kan erfgoed ingezet worden bij het realiseren van economische en sociale taken. Samenwerking en regie zijn daarbij belangrijk. Behoud van beeld­bepalende gebouwen is het best gewaarborgd als een nieuwe bestemming gegeven kan worden. Dat vraagt om creatieve oplossingen. De provincie moet zich inzetten om deze gebouwen een nieuwe bestemming te geven. Daarbij maakt de provincie gebruik van grensoverschrijdende samenwerking, waarbij Europese middelen worden ingezet.

Het cultuurbeleid van Zeeland kan zich bij uitstek onderscheiden door gebruik te maken van de historische context en daarbij de confrontatie te zoeken met de moderne, grensverleggende kunst.

 

7.   Leefbare plattelandskernen

Zeeland is dunbevolkt en kent veel kleine kernen, wat het overeind houden van voorzieningen bemoeilijkt. Door schaalvergroting komen voorzieningen verder weg te liggen. Voor deze kernen komt het accent meer en meer te liggen op de waarden van rust en ruimte, de ligging in het omringende landschap; als woon­plaats voor degenen die een dergelijk woonklimaat ambiëren. Die kwaliteiten moeten op peil gehouden worden, zo nodig door het aanpakken van verstorende bebouwingselementen. Niet alle voorzieningen kunnen overal in stand blijven, en zullen soms elders worden aangeboden. Zie eerder de GroenLinks-gedachten over openbaar vervoer in relatie tot dit onderwerp.

Het gaat om problematiek die speelt in bijna alle gemeenten. Daarom bepleiten wij een actieve rol van de provincie om hier tot vernieuwende initiatieven te komen. Initiatieven vanuit de kernen zijn waardevol; die moeten worden gestimuleerd en ondersteund. Wij bepleiten een provinciaal budget wat zonder veel administratieve rompslomp aan initiatiefnemers beschikbaar gesteld kan worden. Bijvoorbeeld onder de voorwaarde dat de desbetreffende gemeente een zelfde bedrag verstrekt (het Brabantse model van de "doe-budgetten"). Krimp biedt ook kansen!

 

8.   Veiligheid

De veiligheidsrisico's in Zeeland zijn groot door de aanwezigheid van scheepvaart - onder meer op de Westerschelde, het kanaal Gent-Terneuzen en de Rijn-Scheldeverbinding - en van verschillende grote (chemische en andere) bedrijven, waaronder de kerncentrales in Borssele en Doel. De dreigende krachten van ‘het water’ zijn – in Zeeland wellicht meer dan elders - nog altijd voelbaar aanwezig.

Veiligheid heeft twee componenten: preventie en de zekerheid dat er bij calamiteiten adequaat opgetreden kan en zal worden. De zorg voor preventie bij bedrijven is door de gemeenten en de provincie gezamenlijk opgedragen aan de Regionale Uitvoeringsdienst (RUD). Vanuit haar functie zal de provincie actief en betrokken moeten toezien op het daadwerkelijk realiseren van de preventiefunctie van de dienst. Onder andere door te vragen om periodieke verslaglegging, en door te controleren of de dekkingsgraad van de werkzaamheden waarborgt dat de doelstelling wordt bereikt. Een periodieke rapportage aan de Staten is hiervoor een instrument dat ook het belang van de essentiële democratische inbedding van de RUD onderstreept.

De Veiligheidsregio is verantwoordelijk voor het optreden bij calamiteiten. GroenLinks vindt dat de Veiligheidsregio minstens één keer per zittingsperiode door een onafhankelijke deskundige moet laten beoordelen of de voorbereiding op calamiteiten (op terreinen als mankracht, deskundigheid, organiserend vermogen, communicatie, materieel) in verantwoorde verhouding staat tot de risico's die er nu eenmaal zijn. Ook de rol van de commissaris van de Koning bij grote calamiteiten dient daarbij in beeld te komen. GroenLinks gaat ervan uit dat de provincie de resultaten openbaar maakt.

 

9.    Bestuur

Het bestuurssysteem van de overheid staat onder druk, bijvoorbeeld als gevolg van de grote privatiserings­operaties van de laatste decennia en de neiging om de controle- en inspectietaken aan de sectoren zelf toe te vertrouwen. Ook de doorgevoerde, forse bezuinigingen beperken de mogelijkheden van de overheid. De term participatiemaatschappij roept de vraag op naar grenzen van verantwoordelijkheden. Een van de opgaven, ook voor de provincie, is in de nieuwe verhoudingen een weg te vinden die blijft voldoen aan de uitgangspunten van de democratie en die is toegesneden op de schaal van de bestuurlijke thema's.

De provincie zet zich wat GroenLinks betreft dan ook in om meer burgers te betrekken bij het bestuur. Dit kan gericht, bij het maken van projecten, of in algemene termen, waarbij inwoners van Zeeland iets op de provinciale agenda willen zetten door middel van een burgerinitiatief. Burgerparticipatie kan alleen floreren als openbaarheid en transparantie van het provinciaal bestuur gewaarborgd zijn. De openbare vergadering van de Provinciale Staten is de plek waar het college van Gedeputeerde Staten en de commissaris van de Koning informatie verstrekken en verantwoording van beleid afleggen. Dat moet niet in beslotenheid gebeuren, tenzij daar een zwaarwegend en zeer specifiek te benoemen belang bij is. GroenLinks zal de actieve openbaarheid zoveel mogelijk bevorderen.

De provincie kan alleen goed functioneren als omvang en capaciteit van de ambtelijke dienst toereikend zijn. Om de dienst goed te laten functioneren, moeten samenwerkingsverbanden gezocht worden in de driehoek Rotterdam/Moerdijk/Vlissingen-Terneuzen, vooral op economisch vlak. Er kan een flinke efficien­cyslag worden gemaakt door ‘droge’ en ‘natte’ infrastructuur samen te voegen onder het provinciaal bestuur.

 

ECOLOGIE

 

Alles hangt met elkaar samen

 

Het begrip ecologie wil benadrukken dat het systeem van milieufactoren één groot samenhangend geheel vormt. Behoud van biodiversiteit is een belangrijke voorwaarde, die volgens GroenLinks deel moet uitmaken van elke afweging op het gebied van milieu, economie, infrastructuur, waterbeheer en dergelijke.

 

1.   Zeeland als groenblauwe oase

Zeeland is in menig opzicht een unieke provincie. De ligging te midden van de dichtgroeiende stedelijke hoefijzerstructuur van Antwerpen, Breda en Rotterdam maakt van onze provincie het Central Park van Zuidwest-Nederland en westelijk Vlaanderen. Mensen komen hier om de drukte te ontvluchten, te genieten van de weidse horizon, het heldere water, de schone lucht, de mooie natuur en de rijke cultuur. Dit maakt onze leefomgeving onderscheidend als woongebied, recreatieve omgeving en onbetaalbaar erfgoed. GroenLinks acht het daarom van groot belang om behoud van deze leefomgeving bij iedere ruimtelijke beslissing te laten meewegen. Wij staan open voor verandering en kijken met open blik naar vernieuwing, maar niet ten koste van ruimtelijke kwaliteit.

 

2.  Spaarzaam omgaan met de ruimte in Zeeland

GroenLinks koestert de ruimte in Zeeland. Dat zuinig omgaan met de ruimte geldt ook voor bedrijfs­terreinen: revitalisering en reconstructie vóór nieuwe aanleg, en wat betreft woningbouw: inbreiding vóór nieuwbouwwijken. Sterker nog: op sommige plaatsen moeten we slopen, woningen onttrekken aan de voorraad. Want als we het onroerend goed niet op peil houden, verliest de samenleving niet alleen kapitaal, maar ook kwaliteit. Duurzame en energieneutrale woningen behouden hun waarde! GroenLinks wil nieuwbouw alleen als er een vraag is; overigens zit er bij de gemeenten – alles bij elkaar opgeteld - nog genoeg in de planning, of waarschijnlijk teveel. GroenLinks vindt vasthoudende regie van de provincie op het gebied van de ruimtelijke ordening dan ook hard nodig. Wat GroenLinks betreft geldt dit ook voor het handhaven van de regels rond hoogbouw en voor een samenhangend plan voor inpassing van windmolens in het landschap.

In deze zittingsperiode van Provinciale Staten moet een nieuw Omgevingplan worden vastgesteld. Het huidige Omgevingplan legt een grotere verantwoordelijkheid bij de gemeenten. We zien dat iedere gemeente weer een eigen bedrijventerrein ontwikkelt, zonder te kijken naar de samenhang met andere gemeenten. Hetzelfde geldt voor nieuwe woningbouwlocaties. Een onduidelijke visie heeft er bijvoorbeeld nu al toe geleid dat publieke stranden te maken krijgen met verstening door strandwoningen. En bouwen op zichtlocaties zorgt voor aantasting van de ruimtelijke kwaliteit. De provinciale regie moet weer terug.

De samenhang van functies moet meer aandacht krijgen, anders zitten ze elkaar in weg en wordt de kwaliteit van de open ruimte aangetast. De ruimte op het water, in het bijzonder de Oosterschelde, is ook beperkt. Voor GroenLinks is de Oosterschelde een Nationaal Park waar verschillende functies, o.a. visserij, natuur en recreatie een plek hebben. De hoofdfunctie blijft echter: natuur! De provincie moet daarom sturen op een evenwichtige verdeling van functies.

 

3.   Ruimte en mobiliteit

Zeker in tijden van bezuiniging staat GroenLinks kritisch tegenover investeringen in nieuwe infrastructuur. Liever grijpen wij kansen aan om de mobiliteit te beperken en de ruimte beter te benutten door de situering van bijvoorbeeld kantoren op de knooppunten van openbaar vervoer. Wegenprojecten worden op een goede manier ingepast in het landschap. Bovendien pleiten we voor inzet op verkeersveiligheid. Wandel- en fietsroutes worden aangelegd en verbeterd, onder andere vanwege de stormachtige opkomst van de elektrische fiets. Wij stimuleren dat de provincie wandelbeleid ontwikkelt, primair gericht op het tot stand brengen en/of verbeteren van wandelroutes en -netwerken tussen stad of dorp en omgeving (natuurgebieden).

Voor het goederenvervoer verkiest GroenLinks vervoer over het water. Het goederenvervoer over de weg willen we ontmoedigen en minder milieubelastend maken door stimuleringsprojecten, zoals toepassing van groen gas (vloeibaar LNG). De ‘hoefijzerroute’ – van het Rijnmondgebied naar Antwerpen - heeft onze voorkeur voor vrachtverkeer, in plaats van dwars door Zeeland (zie onze havenvisie). De overige wegen zijn voor lokaal verkeer en toerisme.

GroenLinks is er voorstander van dat extra tunnelinkomsten bij de NV Westerscheldetunnel worden ingezet om de tunnel versneld tolvrij te maken.

 

4.   Oog voor de milieukwaliteiten in Zeeland

Zeeland is veelzijdig: open groene ruimten worden afgewisseld met industrie- en havengebieden die werk en economische vitaliteit opleveren, waarbij het cultuurlandschap onze aandacht verdient. De milieu­belasting van deze bedrijven is de afgelopen decennia verminderd, een ontwikkeling die we toejuichen en blijven volgen, ook nu het toezicht van de provincie is opgegaan in de Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) Zeeland, een gemeen­schappelijke regeling. We willen dat de provincie ons blijft informeren en wij blijven vragen stellen, uit het oogpunt van veiligheid voor mens, dier en natuur. Daarbij stimuleren we dat (grote) bedrijven toewerken naar een circulaire economie, waarbij ze zoeken naar verantwoorde mogelijkheden voor schoner en veiliger produceren, hergebruik van warmte, water en grondstoffen.

 

5.   Natuur en landschap

Zeeland heeft een bijzondere opdracht als het gaat over natuur. Het is een unieke plek waar zout en zoet samenkomen met de dynamiek van getijden. We hebben het geluk te leven in een dynamisch gebied: kust, estuariene gebieden, rijke bodems, een eldorado ook voor vogels, en dé pleister­plaats voor trekvogels op de route Siberië-Afrika en weer terug. Die functie is internationaal erkend en geborgd.

Bij GroenLinks is de zorg voor deze unieke natuur in goede handen. Dit draagt namelijk bij aan een aantrekkelijk en karakteristiek Zeeland. Goed beheer van de natuurgebieden, inzet en aandacht voor de Ecologische Hoofdstructuur en gericht beleid om de biodiversiteit te versterken, zijn kernpunten van het GroenLinks-beleid.

Van natuur en landschap moet je kunnen genieten: toegankelijk waar het kan, gesloten als het moet. En bij die opengestelde natuur en het mooie netwerk van fiets- en wandelpaden hebben we ook oog voor minder mobiele mensen. De aantrekkelijkheid wordt groter als er voldoende rust- en pleisterplaatsen zijn. Het besef dat natuur en landschap niet alleen kostenposten zijn, maar ook een belangrijke bijdrage leveren aan de Zeeuwse economie, is naar de mening van GroenLinks te gering. Natuurgebieden zijn belangrijke publiekstrekkers die bijdragen aan het economisch klimaat; Zeeland is immers meer dan alleen zee en strand.

Instandhouding van natuur is niet vanzelfsprekend. Hieraan moet hard worden gewerkt. Echter, de publieke financiering van de groene infrastructuur loopt steeds verder terug. Beheerders van natuur­terreinen moeten de kans krijgen om voor deze terreinen verdienmodellen te ontwikkelen, terwijl ook andere sectoren en belanghebbenden worden betrokken bij het in stand houden van natuurgebieden. Wat GroenLinks betreft neemt de provincie het voortouw om alle partijen die belang hebben bij natuurbehoud bij elkaar te brengen, om zo een integrale visie op natuur te ontwikkelen. Motorsporten en andere lawaaisporten door de natuur horen daar niet bij. Voor GroenLinks zijn wandelen en fietsen belangrijk. Dit draagt bij aan het vergroten van de (sport)participatie, het versterken van de (vrijetijds-)economie, het beleven van natuur en het stimuleren van duurzame vormen van verplaatsing.

 

6.   Delta en Deltawateren

De ontwikkelingen in de Zuidwestelijke Delta brengen ook veranderingen mee in de kustveiligheid. Zeespiegelstijging en de nadelige effecten van de huidige Deltawerken (zandhonger, blauwalg en terug­lopende waterkwaliteit) liggen hieraan ten grondslag. GroenLinks kiest voor een zo natuurlijk mogelijke aanpak, dus voor estuariene dynamiek. Dat biedt de beste kansen voor natuur, economie en mensen. Wij blijven oog houden voor het behoud van zoet water voor o.a. de landbouw. Tegelijkertijd willen we de zilte teelten stimuleren, omdat we moeten inzetten op beide. Wij dragen er graag aan bij dat de plannen die daarvoor worden gemaakt, worden gedragen door de mensen. Dat moeten we samen doen, ook in samenwerking met Zuid-Holland en West-Brabant.

Veiligheid blijft nummer een. Het provinciaal bestuur moet zich hier sterk voor maken. Om die veiligheid te bereiken, wordt die wat ons betreft steeds vaker gecombineerd met andere functies: natuur, recreatie, wonen, bedrijvigheid. En ook, zoals bv. in de Grevelingen, met energiewinning.

Het Schelde-estuarium is een door de mens en natuurlijke processen gevormd gebied. GroenLinks wil in overleg met alle bewoners en gebruikers van dit prachtige gebied – op basis van een goed begrip van wat er allemaal speelt van Gent tot voorbij Vlissingen – een nieuwe koers met bijbehorende concrete maatregelen ontwikkelen. Want er is nu geen sprake van een robuuste ecologische toestand. Een nieuwe koers voor duurzame ontwikkeling van het Schelde-estuarium die de veiligheid dient en een blijvend goed milieu met bijbehorende natuurwaarden en een mooi landschap creëert.

De Deltawateren worden door verschillende gebruikers in toenemende mate gebruikt. De druk op de Deltawateren neemt daardoor toe. Zowel de recreatie- als de visserijsector vraagt de ruimte. Nog meer snelle watersporten, kite surfers, nieuwe jachthavens en mosselkweek beconcurreren elkaar om de ruimte, waarbij de natuur uiteindelijk de dupe is. Om te voorkomen dat verschillende sectoren elkaar in de weg zitten, is stevig beleid van de provincie nodig, gericht op de ecologische waarden.

 

 

GROENE ECONOMIE
 

Houd rekening met de mens en zijn omgeving

 

Economie is vooral ethiek. Vragen als: Waartoe dient deze werkgelegenheid? Wiens en welk belang wordt gediend met deze investering op de langere termijn? Ten koste van welke waarden en grondstoffen beginnen we een nieuw economisch avontuur?, zullen telkens opnieuw gesteld moeten worden. In het maatschappelijke en politieke debat over wat economisch wenselijk is, mag deze kant van de afweging niet ontbreken. Daarvoor wil GroenLinks zich inzetten, ook in het provinciaal bestuur.

 

1.   De klimaatverandering vraagt om aanpassing

Zeeland ligt in de frontlinie van de klimaatverandering. Het programma voor de Zuidwestelijke Delta is volgens GroenLinks voldoende uitdagend. Zeeland moet effectief de regie voeren en kansen grijpen voor nieuwe economische en ecologische activiteit in waterbouw/beheer, recreatie en toerisme, visserij en schelpdiersector en landbouw. Zie de circulaire economie bloeien. En wat te denken van aquacultuur – het Kustlaboratorium biedt volop kansen! Een en ander vereist sterkere profilering in Den Haag en slagvaar­digheid en samenwerking met de omliggende provincies.

Het Westerschelde-estuarium vereist in dit verband een bijgestelde langetermijnvisie om invulling te geven aan duurzame ontwikkeling in het estuarium volgens het principe people-planet-profit. Zeeland is de tuin van Nederland; dat vraagt om goed beheer, samen met alle betrokkenen.

 

2.   Omschakeling op nieuwe technieken

De fossiele brandstoffen raken op. Die energie is tevens de grondstof voor de chemie in Zeeland; dit vraagt om een omschakeling naar de biobased economy. Dat proces is al enkele jaren gaande, de wil is er, nu doorpakken. Wat GroenLinks betreft blijft het provinciebestuur zich inzetten op verbinden (industriële symbiose), versterken (stimuleer onderzoek naar mogelijkheden, inzet van subsidies en fondsen), en op het aansluiten van onderwijs arbeidsmarkt (promotie van innovatieve onderwijsprojecten en –opleidingen).

 

3.   Energie -hergebruik en opwekking

De transitie naar duurzame energie moet zo snel mogelijk plaatsvinden. Wind- en zonne-energie krijgen momenteel veel aandacht. Ook andere bronnen hebben onze belangstelling: getijdenenergie, ‘blue energy’[1] en energie uit algen of planten. De mogelijkheden voor geothermische energie zijn veelbelovend. Interessant is ook het hergebruik van de restwarmte van de industrie, de grootste energiebron in Zeeland. De grote variëteit aan mogelijkheden die Zeeland biedt voor de ontwikkeling van duurzame energie, vormt een basis voor breed en diepgaand onderzoek, al of niet internationaal georiënteerd. Wat betreft stelt de provincie alles in het werk om (een filiaal van) een kenniscentrum voor duurzame energie gerealiseerd te krijgen, in samenwerking met belanghebbenden vanuit overheden, bedrijfsleven, onderwijs, DELTA N.V. en andere belangstellenden.

De provincie moet stimuleren dat de afspraken uit het Energieakkoord worden uitgevoerd en dat belemmeringen zoals de ‘postcoderoos’ worden weggenomen. Bij nieuwe projecten voor zonne- en windenergie op land gaat de voorkeur uit naar projecten waarin burgers of dorps­gemeenschappen kunnen participeren, of de projecten die een relatie leggen met de biobased economy.

Kernenergie is voor ons geen optie, ook niet in Borssele; sluiten wat betreft! En voor onderzoek en boringen naar schaliegas moet Zeeland de poorten sluiten.

Energiebedrijf DELTA is een relatief kleine speler in de markt. We denken dat het verstandig is dat DELTA fuseert. bepleit daarbij dat werkgelegenheid voor Zeeland zoveel mogelijk behouden blijft en dat voorzieningen in stand worden gehouden.

 

4.   De circulaire economie

Waar het op neerkomt is: een andere benaderingswijze van de economie. Dit vraagt om een visie op herontwerp van bedrijfsprocessen, organisatiestructuren en de wijze waarop partijen samen­werken. Van lineair naar circulair; dat gaat niet vanzelf. Dit vraagt om nieuwe kennis en competenties in de beroepssectoren, in het onderwijsveld en bij de burger. De transitie van een lineaire naar een circulaire economie, waarin kringlopen - behoud en hergebruik van grondstoffen - en herontwerp de kern vormen. De provinciale schaal is daarvoor een uitstekende positie. GroenLinks stelt voor om dit in interprovinciaal (IPO)-verband verder vorm en inhoud te geven. Zo kan er samen met partners gewerkt worden aan een duurzamere samenleving. De provincie moet optimaal gebruikmaken van Europese subsidies of structuurfondsen die bijdragen aan een duurzame samenleving.

In de kern betekent een circulaire economie: geen afval meer maken, maar alle grondstoffen terugbrengen in de kringloop (zoals biobase), dus in de economie. Zo sparen we niet alleen grondstoffen, we lossen ook een milieuprobleem op, en het genereert werk. Dat betekent een systeemverandering, met veranderingen in de wijze van belastingheffing. Dat lukt als alle spelers (productie en consumptie) dezelfde kant uit bewegen. Aan overheden de taak de optimale voorwaarden te scheppen. Dat kan met regels: wanneer is iets afval? En mag het wel of niet de grens over? Denk bovendien aan financiële prikkels: belastingen en premies helpen ook. Of met ‘milieuruimte’: we bedoelen dan bijvoorbeeld een serie bedrijven die de kans krijgt om op de slimste manier aan eisen te voldoen, in plaats van dat alles tot op drie decimalen wordt voorgeschreven. En vergeet niet dat onderzoek een rol kan spelen om nieuwe verdienmodellen te vinden.

We noemen als voorbeeld het afgraven van vuilstorten in Zeeland. Deze bieden een schat aan organisch materiaal, plastic en metalen – naast natuurlijk gif, kolengruis en dergelijke. Daar zijn ongelooflijk veel kool­stofmoleculen te vinden die teruggebracht kunnen worden in de grondstoffenkringloop van de chemie. Het scheiden van afval en grondstoffen kan gebeuren met warm water; daarvan hebben we meer dan genoeg in het Sloegebied en de Kanaalzone. Overbodig te zeggen dat daar onderzoek en kennisontwikkeling bij horen… kansen voor Zeeland!

Al met al gaat het om een systeemtransitie en GroenLinks wil zich daar sterk voor maken en kansen aangrijpen.

 

5.   Zorgeconomie

Zeeland leent zich uitstekend voor zorgeconomie en zorgtoerisme. Zeeland heeft de ruimte en de daarbij horende kwaliteiten. GroenLinks wil die kwaliteiten benutten: het is voor ouderen, zieken en gehandicapten aantrekkelijk zich in Zeeland te laten verzorgen. Een mooie omgeving en de vele zonuren dragen bij aan herstel en welbevinden. Dit kan een flinke bijdrage leveren aan de werkgelegenheid in onze provincie.

 

6.   Onderwijs en arbeidsmarkt

Voor de leefbaarheid en de economie is actieve inbreng van jongeren en studenten essentieel. Juist omdat er zoveel moet veranderen, is de inbreng van goed opgeleide jonge mensen broodnodig! GroenLinks schaart zich achter de aanbevelingen van het rapport “De slimme kracht van Zeeland” dat het stimuleren van de kenniseconomie veel kansen biedt op hoogwaardige werkgelegenheid en op allerlei duurzame economische spin-offs. Dan nog blijft de arbeidsmarkt in Zeeland kwetsbaar. Om ook grensarbeid te vereenvoudigen, helpt het om belemmeringen weg te nemen en betere regelingen te treffen met België.

 

7.   Midden- en Klein bedrijf (MKB)

We willen het MKB blijven stimuleren om te vernieuwen en verbinden, want het MKB is de banenmotor bij uitstek. De provincie kan het aantrekken van bedrijven stimuleren en inzetten op ‘schone’ werk­gelegenheid. Een goede lobby richting Den Haag en Brussel is dus van belang.

 

8.   Havens en industrie

Voor Zeeland zijn de havens van groot belang. In de havengebieden is een groot deel van de Zeeuwse werkgelegenheid verankerd, daarbuiten nog meer mee verbonden. De provincie Zeeland in haar rol als grootste aandeelhouder van Zeeland Seaports (ZSP) moet zich sterk maken voor het model van de duurzame havens. GroenLinks zet in op bedrijvigheid die iets toevoegt aan de waarde van het product. ZSP moet verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen van de bedrijvigheid voor het achterland.

Binnen het Zeeuwse bedrijfsleven zien we een groeiende bereidwilligheid om te investeren in duur­zaamheid en biodiversiteit. Ook de havenbedrijven geven hieraan een impuls. Bij het stimuleren van de Zeeuwse economie gaat het vooral om keuzes maken. GroenLinks is voorstander van de verdere ontwikkeling van de biobased economy en de circulaire economie. Zoals de chemische industrie: daar wacht een jarenlange transitie. Dat vereist een goed samenspel tussen industrie - die wil vernieuwen en vergroenen - en het provinciebestuur, zowel op economisch, ecologisch en planologisch terrein.

Voor de havens in Zeeland zijn er grote kansen om de poort naar windparken op zee te worden. Investeren in klimaatbeleid en duurzaamheid is niet alleen een verbetering voor het milieu, maar genereert ook veel banen. Werk is van essentiële betekenis voor mensen. In onze op groen gebaseerde visie is er veel werk: in de (nieuwe) chemie en energie (wind, zon en getijden), in energiebesparing en woningverbetering. Daar zitten banen, daarin schuilt groei, hier liggen kansen voor mensen, en dus voor de Zeeuwse samenleving.

De Zeeuws-Vlaamse Kanaalzone biedt veel kansen op het terrein van werkgelegenheid en innovatiekracht. Wat GroenLinks betreft krijgt de industriële biobased economy blijvend de aandacht. Tegelijkertijd is de druk op het milieu en de veiligheid in deze omgeving erg hoog. GroenLinks benadrukt de gebiedsgerichte benadering om de druk op het milieu verder terug te dringen. Onder andere door adequate handhaving en verscherping van de emissie-eisen. De provincie moet extra controleren op de uitstoot van schepen.

 

9.   Bedrijvigheid concentreren

Bedrijven moeten ruimte hebben om te ondernemen. Maar de open, groene en blauwe ruimte is ook het kapitaal van Zeeland. GroenLinks geeft voorrang aan bestaande bedrijventerreinen: herstructureren en revitaliseren in plaats van uitbreiden. Bouwen naar behoefte en niet voor de toekomst! Dat vraagt om duidelijke regie van de provincie.

 

10.   Recreatie en toerisme

Zeeland is en blijft een toplocatie voor recreatie en toerisme. De inpassing van plannen in natuur en landschap blijft voor ons een belangrijke voorwaarde. Dus geen zgn. ‘witte schimmel’ die niet past in de omgeving; daarvan is al genoeg te vinden in Zeeland. We denken dat dit beter en mooier kan.

 

11.   Visserij- en schelpdiersector

GroenLinks ziet grote kansen voor aquacultuur en zilte teelten, ook in het licht van de stijgende vraag naar eiwitten voor voedsel. Zeeland kan kennis en kunde exporteren als gevolg van de verduurzaming van de sector. Zo speelt ook de algen- en zeewierteelt een belangrijke rol in de ontwikkeling van de biobased economy.

De Zeeuwse Delta is prima geschikt als kraamkamer voor veel vissoorten en schelpdieren. Omschakeling naar duurzame vormen van visserij betekent een grote, maar noodzakelijke inspanning. GroenLinks stimuleert dit. Natuurlijk sluisbeheer werkt bevorderend voor de trek van vissen en heeft daarom tevens onze aandacht.

De schelpdiersector is van oudsher een pijler van de Zeeuwse aquacultuur. Om de internationaal erkende functie te behouden, zijn verdergaande innovatie en verduurzaming nodig. Bij de traditionele schelpdierkweek in het buitenwater zijn al grote vorderingen gemaakt, onder andere via het mossel­convenant. Verdere ontwikkeling van binnendijkse kweek is vooral van belang om vervolgstappen te maken in kweekinnovatie. Voor de provinciale overheid ligt daar een rol om het MKB te faciliteren. Dit uit oogpunt van het belang van aquacultuur voor Zeeland, en ook voor verbreding van de landbouweconomie.

 

12.   Voedselvoorziening en landbouw

In de landbouw vinden onder invloed van afnemende inkomenssteun vanuit de EU grote veranderingen plaats. De wereldmarkt bepaalt de inkomenspositie van agrariërs. Verduurzaming van de agrarische sector wordt door GroenLinks aangemoedigd. Samen met de sector willen we op zoek naar nieuwe economische dragers. Duurzame energie en de teelt van nieuwe gewassen als grondstof voor de (fijn)chemie horen bij deze zoektocht. De landbouw heeft een belangrijke rol bij de omschakeling van dierlijke naar plantaardige eiwitten. Intensieve veehouderij vinden wij een slechte zaak; GroenLinks pleit voor het verminderen van deze agrarische activiteit. Dat gaat namelijk niet samen met de belangen van natuur en de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) die zo zorgvuldig tot stand is gekomen en die wij in stand willen houden, of liever nog: uitbreiden.

 

13.   Dierenwelzijn

Dieren worden te vaak behandeld als een commercieel product. GroenLinks wil het welzijn van dieren verbeteren.

De provincie geeft bij de eigen inkoop van producten van dierlijke oorsprong het goede voorbeeld door te kiezen voor biologische of vegetarische producten. Ze vraagt bedrijven en instellingen die provinciale steun krijgen hetzelfde te doen.

De intensieve veehouderij heeft zich ontwikkeld tot een industrie waarin zoveel mogelijk dieren worden geproduceerd. Dit gaat gepaard met veel dierenleed. Dit willen we een halt toeroepen. Zeeland kent een beperkt aantal intensieve veehouderijbedrijven. Uit oogpunt van dierenwelzijn en emissiebeperking is intensieve veehouderij / bio-industrie niet gewenst. Bovendien past dit niet in het Zeeuwse landschap. Wat GroenLinks betreft stoppen we met de intensieve veehouderij.

Wat betreft de ganzenproblematiek in Zeeland en de hier en daar gepaard gaande ganzenoverlast, geeft GroenLinks er de voorkeur aan het advies van de Dierenbescherming (c.s.) op te volgen en vast te houden aan de uitgangspunten van het in 2011 overeengekomen ‘ganzenakkoord’. Met name adviseren wij het compenseren van de schade door zomerganzen, het op diervriendelijke wijze terugdringen van de populatie, en rust voor trekganzen in de wintermaanden van 1 november tot 1 maart. De provincie maakt het hele jaar door gebruik van opvanggebieden voor ganzen.

Voor de visserij bepleiten we duurzame en diervriendelijke kweek- en vangstmethoden. De provincie heeft in juli 2014 (terecht) bezwaar gemaakt tegen de vergunningaanvraag van de garnalenvisserij voor de Natura2000-gebieden. GroenLinks staat daar achter.

Eveneens bepleit GroenLinks het sterk terugdringen van het gebruik van (landbouw)gif uit oogpunt van de volksgezondheid. In de eerste plaats van omwonenden, maar ook vanwege het lot van de bijen, de vogels (waarvan een aantal soorten in groten getale achteruitgaat) en de biodiversiteit in zijn algemeenheid. Wat GroenLinks betreft maakt het provinciebestuur dit tot beleid en stimuleert zij de Zeeuwse gemeenten om het gebruik van gif (verder) te beperken.

 

14.   Gebiedsontwikkeling

Gebiedsontwikkeling biedt de mogelijkheid om bepaalde gebieden integraal te benaderen en toekomst­mogelijkheden te realiseren in het economische, ecologische en sociale domein. GroenLinks wil daar in de komende jaren actief mee bezig blijven. Niet alleen op en rond het water - Volkerak-Zoommeer, Grevelingen - maar bijvoorbeeld ook in Oost en West Zeeuws-Vlaanderen. Bij de beoordeling van de wenselijkheid van ontwikkelingen moet gestuurd worden op biodiversiteit, gezondheid van de bevolking en leefbaarheid. Kortom: economie, ecologie en sociaal domein in evenwicht.

 
[1] Duurzame energie die vrijkomt door zoet en zout water op een bepaalde manier te mengen