Media berichtten op 17 jan. jl. dat zich een aanvaring had voorgedaan ter hoogte van de Schaar van Valkenisse. Er was slechts beperkte overlast door geurhinder, aldus de Veiligheidsregio. Later die dag werd bekendgemaakt dat het ging om 140m3 styreen. Aanvankelijk werd dit beoordeeld als niet gevaarlijk. Op internet werd die mening niet gedeeld*. Aan het einde van de middag berichtte De Telegraaf** dat er zelfs klachten kwamen uit Utrecht, aldus de Veiligheidsregio daar. GroenLinks stelde vragen (17 jan.) - ziehier de antwoorden van GS:

 

Vragen

  1. Bent u direct op de hoogte gesteld van de aanvaring en de (mogelijke) gevolgen daarvan?

    Ja.
  2. Waarom is dit voorval in eerste instantie zo heel laag ingeschat?

    De keuze van opschaling is, bij een incident op het water, afhankelijk van het gedeelde (dreigings)beeld tussen de Hoofdverkeersleider en de Regionaal Operationeel Leider. Dit gedeelde beeld is grotendeels afhankelijk van de informatievoorziening en de interpretatie ervan. Vanaf de start van het incident is dit gemonitord vanuit Veiligheidsregio Zeeland (VRZ). Toen, op grond van analyse, bleek dat multidisciplinaire afstemming rondom het incident noodzakelijk was is opgeschaald naar GRIP 2.
  3. De stof blijkt uiterst giftig en brandbaar te zijn. Is overwogen om de stranden in de omgeving van de aanvaring af te sluiten voor publiek?

    Ja, dit is door de VRZ overwogen. In het begin van het incident was, op basis van de stofeigenschappen en de op dat moment heersende weersomstandigheden, al snel duidelijk dat er geen direct gevaar was voor de bevolking. Op basis van de uitgevoerde risicoanalyse en ingewonnen landelijke adviezen is, door het Regionaal Operationeel Team, besloten de stranden/oevers niet af te sluiten, maar een advies met handelingsperspectief uit te brengen richting de bevolking.
  4. Wanneer er zelfs klachten komen uit het midden van het land, kan dan worden volgehouden dat het om lage concentraties gaat en hoe groot is de invloed van wind en getij?

    Ja, dat kan worden volgehouden. Styreen heeft nl. een zeer lage geurdrempel en wordt daardoor erg snel geroken (20.000x eerder dan dat er een schadelijke concentratie bereikt wordt). In de buurregio’s zijn, net als in Zeeland, luchtmetingen verricht. Direct bij de bron (haven Antwerpen) zijn maximale waarden van circa 7 ppm Styreen gemeten, in Zeeland maximaal 3,5 ppm en in Zuid-Holland 0,1 ppm. Alle waarden zitten ver onder de alarmeringsgrenswaarde maar wel boven de geurdrempel van 0,01 ppm. Dit betekent dat de stof zeer goed te ruiken is op grotere afstand.

    De wind en het getij zijn uiteraard van invloed op de stof en geurverplaatsing. Zo bepaalt de windsnelheid de snelheid van verplaatsing van een stof in de lucht, maar ook bepaalt de wind mede de mate van opwerveling van een stof en daarmee de verdunning van concentraties in de lucht. Het getij heeft invloed op de locatie en verplaatsing van de stof en daarmee ook op de locatie van uitdamping.
  5. De Veiligheidsregio bericht: “De hele kustlijn is visueel gecontroleerd en gemeten en er is geen styreen waargenomen.” Hoe verhoudt zich dat tot de klachten uit Brabant en Utrecht?

    Zie ook antwoord 4.

    Dit heeft te maken met het feit dat styreen veel eerder te ruiken (0,01 ppm) dan dat het te meten is (0,1 ppm). Daarnaast is het zo dat de verspreiding van gevaarlijke stoffen afhankelijk is van onder andere meteorologische gegevens. Zo is gedurende het incident de windrichting gedraaid, waardoor de geur zich vanaf de bronlocatie (het schip in de haven van Antwerpen) niet meer heeft verspreid over Zeeland, maar over Noord-Brabant en achterliggende gebieden.
  6. Is de RUD in beeld geweest bij deze calamiteit?

    Ja, er is gedurende het incident contact geweest met de RUD.
  7. Is er iets bekend over de oorzaak van de aanvaring en zijn er mogelijk al maatregelen getroffen om herhaling tegen te gaan?

    De bevoegde autoriteiten (Inspectie Leefomgeving en Transport, Commissie Nautische Veiligheid Scheldemonden en de politie) doen onderzoek naar dit incident. De resultaten zijn nog niet bekend. Het is derhalve nog niet te zeggen welke oorzaken bij deze aanvaring een rol hebben gespeeld en of er eventueel maatregelen getroffen moeten worden.
  8. Was vooraf bekend welke lading het schip bij zich had?

    Bij vertrek van het schip bij het bedrijf DOW, uit de Braakmanhaven, is de lading aan Rijkswaterstaat gemeld. Bij de start van het incident was duidelijk welke lading het schip bij zich had.
*   Styreen is een toxisch gas en heeft invloed op het centrale zenuwstelsel. Symptomen bij inademing zijn duizeligheid, slaperigheid,hoofdpijn, misselijkheid en zwakte. Contact met huid of ogen geeft roodheid en pijn, inslikken veroorzaakt buikpijn. Draag bij het werken met styreen passende beschermingsmiddelen en kleding. Zorg voor voldoende ventilatie, niet eten, drinken of roken tijdens het werk en voor het eten de handen wassen. Toxische effecten veroorzaakt door styreen zijn nier- en leverschade, longoedeem en hartritmestoornissen. http://www.gevaarlijkestoffen.net/index.php/10-kort-en-bondig/82-wat-is…
** http://www.telegraaf.nl/binnenland/23570155/__Stank_van_styreen_breidt_…

In de media:

PZC: 'Veiligheidsregio te lichtvoetig omgesprongen met gevolgen ongeval Westerschelde'