Schimmige procedure Brouwerseiland

GroenLinks stelde op 15 augustus jl. vragen over de schimmige procedure met betrekking tot de terinzagelegging - nota bene in de vakantieperiode - van twee van de zes ontwerpbesluiten voor Brouwerseiland. GS antwoorden:

De gemeenteraad van Schouwen-Duiveland heeft destijds besloten om voor Brouwerseiland de coördinatieregeling toe te passen op alle zes nog te nemen ontwerpbesluiten tegelijk. Inmiddels blijkt dat op sterk aandringen van de provincie Zeeland de NB-wetvergunning nu alvast ter inzage is gelegd, zodat de zienswijzen nog in het najaar behandeld en beantwoord kunnen worden en vóór 1 januari 2017 het definitieve besluit door GS genomen kan worden. Het blijkt te gaan om twee van de zes ontwerpbesluiten. Deze sluiproute is kennelijk bedacht om te ontkomen aan het regiem van de nieuwe Wet natuurbescherming die per 1 januari a.s. in werking zal treden. Zeer bedenkelijk is tevens dat de terinzagelegging plaatsvindt in de vakantieperiode. Wettelijk is dit niet verboden, maar uit oogpunt van behoorlijk bestuur is dit verwerpelijk.

Dit roept bij GroenLinks de volgende vragen op:

  1. Kunt u bevestigen dat in het coördinatieoverleg van 8 juli 2016 de provincie (mede) op instigatie van de betrokken gedeputeerde heeft aangegeven dat zij de aanvraag op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 liever onder de huidige wetgeving zou willen afhandelen?
    Nee er is geen sprake van instigatie van de betrokken gedeputeerde. Het coördinatieoverleg is een ambtelijk overleg waarbij de provinciale vertegenwoordigers handelen binnen de bestuurlijke kaders zoals die door Gedeputeerde Staten zijn bepaald voor dit project. Zie ook ons antwoord op vraag 2.
  2. Kunt u bevestigen dat in hetzelfde overleg is meegedeeld dat er onlangs een gesprek is geweest met Brouwerseiland (de projectontwikkelaar) over onder meer de vraag of de NB-wetvergunning uit de coördinatieregeling gehaald kan worden? Kunt u de bedoeling van deze vraag verklaren?
    De aanvraag voor een vergunning Natuurbeschermingswet 1998 is op 18 april 2016 ingediend en onderbouwd op basis van die wetgeving. Omdat de Wet natuurbescherming die per 1 januari 2017 in werking treedt geen overgangsrecht heeft, ligt het voor de hand om de vergunning dan ook onder de huidige wetgeving (Natuurbeschermingswet 1998) en binnen een redelijk termijn af te handelen. Dat is besproken met Brouwerseiland en in het coördinatieoverleg, zoals eerder aangegeven is dit een ambtelijk overleg, dus zonder de gedeputeerde.
  3. Kunt u bevestigen dat er volgens datzelfde overleg is besloten tot een zgn. ‘mandjesregeling’ om de dans van nieuwe wetgeving te ontlopen? Kunt u daarbij aangeven voor welke insteek is gekozen om de nieuwe wet te ontlopen?
    Nee daartoe is in dat overleg niet besloten. Er is geen sprake van "ontlopen".Het beleid is er op gericht om lopende aanvragen voor zo ver mogelijk af te handelen onder de huidige wetgeving.
  4. In het verslag van dit overleg staat dat Provinciale Staten een besluit moeten nemen over dit punt. Kunt u dit nader toelichten?
    De opmerking uit het concept verslag werd gemaakt door een ambtenaar van de gemeente Schouwen-Duiveland tijdens het overleg. Uitgezocht is of deze opmerking klopte, maar dat bleek niet zo te zijn. De procedures blijven onder de gemeentelijke coördinatieregeling vallen. PS hoeft dus geen coördinatiebesluit te nemen.
  5. Waarom heeft u Provinciale Staten in de vergadering van 3 juli jl. of anders op 15 juli –ondanks de breed gesteunde motie  ‘Toeristisch recreatieve hotspots’  van 3 juli 2015 niet direct geïnformeerd over uw voornemen?
    Daartoe was geen aanleiding - het voornemen is ons inziens niet in strijd met de genoemde motie -. Tevens is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) uit 2007 nog van kracht en dient hiervoor toetsing plaats te vinden door het rijk. Zie ook ons antwoord op vraag 6.
  6. Kunt u zich voorstellen dat de GroenLinks-fractie meer dan verbaasd is over deze onnavolgbare move, mede gelet op de toezegging van GS: ‘eerst een door Provinciale Staten vastgestelde kustvisie en dan verder’?
    Nieuwe ontwikkelingen worden getoetst aan de ruimtelijke provinciale kaders zoals beschreven in het Omgevingsplan. Brouwerseiland blijft in de vastgestelde herziening van het Omgevingsplan aangewezen als recreatieve hotspot. De gemeente geeft met de ontwikkeling van Brouwerseiland invulling aan het provinciale beleid. Daarnaast wordt getoetst op wet- en regelgeving inzake de Natuurbeschermingswet 1998. De kustvisie wordt opgesteld ter voorbereiding op- en als input voor de Omgevingsvisie in 2018.
  7. Waarom niet even gewacht op de nieuwe Wet natuurbescherming en het daaruit voortvloeiende provinciale beleid?
    Het toetsingskader voor de in stand houdingsdoelen van Natura 2000-gebieden veranderen niet na 1 januari 2017 met het inwerking treden van (de nieuwe) Wet natuurbescherming. Zie ook ons antwoord op vraag 2.
  8. Waarom wordt niet eerst een provinciale natuurvisie vastgesteld conform art. 1.6a van de nieuwe wet, al was het alleen maar uit respect voor de Staten?
    Omdat de procedure wordt afgehandeld volgens de huidige wet (Natuurbeschermingswet 1998) en deze wet kent geen koppeling met een natuurvisie. De (nieuwe) Wet natuurbescherming die per 1 januari 2017 in werking treedt kent wel een natuurvisie, maar het toetsingskader voor de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden, en daar gaat het bij deze procedure om, verandert niet. Zie ook ons antwoord op vraag 6.
  9. Bent u met ons van mening dat hier sprake kan zijn van lex posterior? Dit houdt in dat jongere wetten vóór oudere wetten gaan; de nieuwe (en wellicht beter op de hedendaagse maatschappij toegespitste) regel gaat vóór de oudere regel.
    Er is geen sprake van lex posterior omdat de Wet natuurbescherming (op zijn vroegst) pas 1 januari 2017 in werking treedt en wij de aanvraag op basis van de op dit moment geldige wetgeving afhandelen.
  10. Wat is uw uitleg over het op deze wijze passeren van de burgers van Zeeland, de natuur- en milieuorganisaties, gemeenteraad, Provinciale Staten en mogelijk andere betrokkenen?
    Naar onze mening is daarvan geen sprake omdat de geldende inspraak- en vaststellingsprocedures worden gevolgd.
  11. Wat is er in deze overgebleven van m.n. aanbeveling 3* uit het rapport ‘De parelduiker vreest (…)’?
    De gevolgde procedure doet ons inziens geen afbreuk aan deze aanbeveling.
* Investeer als PS en GS in het onderhouden van de onderlinge relatie en cultuur:
o Versterk de synergie van de onderscheiden rollen van PS en GS in de omgang met: * Informatievoorziening. * Geheimhouding. * Ambtelijke informatie en bijstand. * Versterk de maatschappelijke en externe gerichtheid van PS en GS (…).

In de media:

wereldregio.nl: GroenLinks in Staten hekelt procedure rond Brouwerseiland
PZC: Provincie ontkent sluiproute Brouwerseiland