red de bij

Handhaving verbod bijengif

GroenLinks is blij dat het gebruik van het gif imidacloprid aan banden wordt gelegd en stelde op 7 juli jl. vragen over de stand van de biodiversiteit in Zeeland en over de handhaving van het verbod. Zou Zeeland experimenteergebied kunnen worden voor ecologische vernieuwing?

 

Toelichting

“De productie van voedsel en bloemen moet ‘natuurlijker’ (…) om mens, dier en milieu te beschermen tegen de risico’s van gewasbeschermingsmiddelen. Al jarenlang komt er teveel van de insecticide imidacloprid in de natuur terecht, ingrijpen is dan ook noodzakelijk.” Aldus staatssecretaris Van Dam.* 

GroenLinks strijdt al jaren voor het aan banden leggen van het gebruik van het gif imidacloprid. In 2014 stelden wij hier meermaals vragen** over . Rik Grashoff, Tweede Kamerlid voor GroenLinks, is blij met het verbod; volgens hem “lapt de glastuinbouw de regels voor zuivering van dit gif aan zijn laars, waardoor de natuur ernstige schade oploopt. Met een enorme daling van de bijenpopulatie tot gevolg.”

Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) wil gewasbeschermingsmiddelen met imidacloprid in de bedekte teelt tijdelijk verbieden. Het gebruik, aanschaffen of op voorraad hebben van imidacloprid is dan verboden, tenzij het bedrijf kan aantonen dat het een gecertificeerde zuiveringsinstallatie gebruikt.

GroenLinks maakt zich zorgen om de situatie in Zeeland, vandaar onze vragen:

  1. Bent u bereid de Coalitie Biodiversiteit 2010, nu het nog noodzakelijker wordt om maatregelen te nemen, nieuw leven in te blazen? Zou dit ook ingepast kunnen worden in de adviezen (en het fonds (100 mln.) van de commissie-Balkenende?
    De Coalitie Biodiversiteit 2010 heeft het bewustzijn in Zeeland ten gunste van biodiversiteit aangezwengeld. Indertijd zijn tal van initiatieven en projecten geïnitieerd en uitgevoerd rond adoptie van een soort, het realiseren van natuurspeelplaatsen (gemeenten), tijdelijke natuur (bedrijven), activiteiten rond het jaar van de bij e.d. Eén van de belangrijke resultaten is dat partijen elkaar weten te vinden en gezamenlijk aan de slag gaan. Gemeenten, bedrijven, agrariërs en groene organisaties nemen verschillende initiatieven (antwoord 3). Inmiddels is veel van het gedachtegoed geïmplementeerd in de kadernota Natuurvisie. Hoofddoel van de Natuurvisie en de uitvoering van het natuurbeleid is immers het behoud en de versterking van biodiversiteit.
    Het advies van de commissie Balkenende biedt goede aanknopingspunten tot verdere verduurzaming en het versterken van de biodiversiteit. Te denken valt aan de acties gericht op biobased economy, energietransitie en deltatechnologie, en het thema gezonde regio en toerisme. Vooral het laatste thema heeft veel raakvlak met de uitwerking van de natuurvisie.
  2. Zou Zeeland als groenblauwe oase, naast een experimenteergebied voor bestuurlijke vernieuwing, ook experimenteergebied kunnen worden voor ecologische vernieuwing?
    Ja, dat staat genoemd als één van de opgaven in de natuurvisie.
  3. Welke initiatieven vinden momenteel plaats om de biodiversiteit in Zeeland te verbeteren c.q. te behouden en acht u het aanmoedigen van de dialoog tussen de verschillende stakeholders noodzakelijk? Zo nee: waarom niet?
    De uitvoering van het natuurbeleid, waaronder de realisatie van het natuurnetwerk, natuurherstel in het kader van de PAS, het agrarisch natuurbeheer en het soortenbeleid
    zijn belangrijke pijlers voor het behoud en de verbetering van de Zeeuwse biodiversiteit. Met het opstellen en communiceren van de kadernota natuurvisie heeft er veel dialoog plaatsgevonden tussen
    stakeholders. Deze dialoog blijft een continue aandachtspunt.
    Enkele voorbeelden waarbij verschillende stakeholders zijn betrokken zijn:
    - de samenwerking tussen agrariërs, Stichting Het Zeeuwse landschap, Vogelbescherming Nederland en het Louis Bolk Instituut ten gunste van akkernatuur en verduurzaming van de landbouw in Burghsluis.
    - het project 2B Connect. In dit project, uitgevoerd door SLZ en de ZMf, i.s.m. bedrijven waaronder Yara Sluiskil, wordt gewerkt aan het vergroenen van bedrijventerreinen en het creëren van grens-overschrijdende verbindingen tussen Natura 2000-gebieden.
    - IVN, Terra Maris en Stayokay organiseren voor ouders en kinderen de scharrelkidsclub en is gericht op het ontdekken van de natuur. Dit initiatief levert geen directe bijdrage aan biodiversiteit, maar is van groot belang voor het ontstaan van draagvlak.
    - Verder zijn er ook tal van initiatieven rond Springzaad uitgevoerd. Dit zijn groene schoolpleinen, speelbossen, natuurspeeltuinen. Het levert zowel avontuurlijke ruimte voor kinderen en ruimte voor biodiversiteit. Het IVN is hier o.a. bij betrokken. Momenteel verkent het IVN samen met Zeeuwse partners de samenwerking op het gebied van natuur- en milieueducatie, voorlichting en promotie van natuur. Dit is de uitvoering van één van de opgaven uit het Collegeakkoord. Het doel is meer impact door synergie. Dit najaar volgt een werkconferentie. Dit moet leiden tot een gezamenlijk meerjarenprogramma. Dit draagt bij aan de beleving van, kennis over en het draagvlak voor natuur en biodiversiteit.
  4. Hoe is de situatie t.a.v. ‘gewasbestrijdingsmiddelen’ in Zeeland op dit moment nu echt?
    Waterschap Scheldestromen monitort de kwaliteit van het binnendijkse oppervlaktewater van Zeeland. Daarbij worden de chemische bestrijdingsmiddelen Imidacloprid, metribuzin en dithiocarbamaten het meeste in water aangetroffen. Op een aantal meetlocaties ook in concentraties boven de norm.
    De waterkwaliteit is in de periode vanaf 2009 verbeterd, wat betreft het aantal verschillende bestrijdingsmiddelen dat de norm overschrijdt. Het aantal individuele normoverschrijdingen is op veel meetpunten afgenomen in deze periode. Voor meer gedetailleerde informatie verwijzen wij u naar de rapportage van waterschap Scheldestromen die online te vinden is op de website van het waterschap.
    Provincie Zeeland monitort de kwaliteit van het grondwater. Imidacloprid is in de laatste meetronde niet aangetroffen. Bentazon, 2,6-Dichloorbenzamide (BAM) en N,NDimethylsulfamide
    (DMS) zijn de meest aangetroffen bestrijdingsmiddelen in het ondiepe grondwater. Daarbij zijn echter geen normoverschrijdingen in het grondwater geconstateerd.
  5. Hoe gaan de RUD, het waterschap en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) het verbod op het gebruik van imidacloprid in de glastuinbouw controleren en handhaven?
    Regels voor het in bezit hebben en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen worden gesteld via de Verordening gewasbeschermingsmiddelenEG1107/2009. De RUD heeft hiervoor geen taken. Het toezicht en de handhaving hierop worden onder andere door de NVWA en het Waterschap uitgevoerd.
    Het waterschap is aangewezen als toezichthouder voor de Wgb (Wet Gewasbeschermingsmiddelen), voor zover dit watergerelateerde zaken betreft. Dit betekent dat bij toezichtscontroles van het waterschap bij glastuinbouwbedrijven in eerste instantie de nadruk ligt op het te lozen afvalwater. Onderdeel daarvan vormt dan ook het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen voor zover deze direct terug te vinden zijn in het afvalwater.
    Een directe controle op de aanwezigheid van de middelen dient plaats te vinden door de NVWA.
  6. Zeeland haakte eerder aan bij het ‘generieke landelijke gewasbeschermingsbeleid’, het beleid verwoord in de 2e nota duurzame gewasbescherming om onder meer te voldoen aan de Kaderrichtlijn Water-doelen. Zijn deze doelen gehaald?
    Wij sluiten ons inderdaad aan bij het generiek rijksbeleid. Daarnaast ondersteunen provincie en waterschap tal van bovenwettelijke maatregelen via landbouw- en gemeentelijke initiatieven op dit gebied. De doelen voor de KRW dienen te worden behaald in 2027. Op dit moment zijn deze dan ook nog niet overal gehaald.
*    https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2016/07/06/gebruik-imidaclop...
**  https://zeeland.groenlinks.nl/nieuws/vragen-over-bollenteelt-natuurgebieden