Wie praat er mee over Europa?

Marten Wiersma schreef een ingezonden stuk over het Europadebat, dat werd geplaatst in de PZC van 6 sept. jl. (rubriek "Te Gast"). De tekst is verderop te lezen. De gedachten uit het stuk zijn door Statenfractie en bestuur GroenLinks Zeeland omgezet in een manifest: Vitalisering Bestaande Woningvoorraad. Dit manifest werd tijdens de Zeelandtour op 8 sept. jl. aangeboden aan UNETO-VNI en Bouwend Zeeland. Kandidaat-Kamerleden Niels vd Berge en Carel Bruring waren erbij.

In bijlage het manifest Vitalisering Bestaande Woningvoorraad, dat op 8 september jl. tijdens de Zeelandtour werd aangeboden aan de heer Van Beveren van UNETO-VNI en aan de heer De Ruijsscher van Bouwend Zeeland.

Hieronder de ingezonden brief over het Europadebat:

"Wie praat er mee over Europa?

In de verkiezingsstrijd is Europa een onderwerp geworden. Eindelijk. Het heeft lang geduurd totdat Nederlandse partijen en de Nederlandse bevolking serieus  aandacht geven aan de betekenis van Europa voor welzijn en welvaart in Nederland.  Meerdere partijen pleiten ervoor de rug naar Europa te keren, anderen menen –naar mijn idee terecht- dat de oplossing van onze economische, ecologische en sociale problemen niet zonder Europa kan.

Al met al blijft het een debat met dogmatische trekken: je gelooft wel of niet in Europa. Blijkbaar is er bij veel bestuurders geen enkele behoefte om het debat wat dichterbij huis te houden en de rol van Europa inzichtelijk te maken voor de Nederlandse burgers (kiezers). Ook de Zeeuwse bestuurders niet. Momenteel vinden de voorbereidingen plaats voor een aantal Europese programma’s door het Rijk, provincies en gemeenten.  Die hebben een looptijd van 2014 – 2020. Voor economische structuurversterking en voor grensoverschrijdende samenwerking komen miljoenen Europese Euro’s beschikbaar.  De afgelopen jaren ging het om pakweg 36 miljoen, dat zal de komende periode ook wel zo zijn.  De Europese bijdrage is maximaal 50%, de regio zal de andere helft moeten ophoesten. De Nederlandse regering laat die rekening in de regio liggen. Al met al zal het een investeringsimpuls van 80 tot 100 miljoen in de regio betekenen. Dat is niet niks!!

Provincie, gemeenten, waterschap en bedrijven zullen dus tussen 2014 en 2020 een kleine 40 miljoen euro’s moeten vrijmaken voor economische structuurversterking binnen de Europese prioriteiten: die gaan om innovatie, energie,  Midden en Kleinbedrijf. En om het ‘Inclusieve Europa’, het Europa waarin ook de burger en vitale gemeenschappen deelnemen.  Dat is buitengewoon belangrijk: we moeten slimmer en zuiniger worden, mensen moeten aan het werk blijven en dorpen en steden moeten vitaal zijn.

Het is nogal wonderlijk dat er zonder enige openbare gedachtewisseling in raden en staten alvast een beslag wordt gelegd op middelen in de bestuursperiode 2014-2020.  Veel vrije ruimte in de begroting wordt nu al vastgelegd. Het debat met de burger over hoe hij of zij betrokken wil zijn, hoe de Europese prioriteiten een lokale vertaling kunnen krijgen, is in geen velden of wegen te bekennen. Een kleine nomenklatoera van bestuurders regelt de prioriteiten en de inhoud en daarmee de besteding van middelen straks.

Politici en bestuurders laten kansen liggen: kansen om Europa dichter bij de mensen te brengen en om de mensen meer invloed te geven in Europese programma’s. Het is nog niet te laat: iedere volksvertegen-woordiging, gemeenteraad, Staten, waterschapsbestuur  kan het debat intern en extern gaan voeren. Al was het maar om duidelijk te maken welke keuzen er gemaakt worden! Het zou de kwaliteit van de programma’s wel eens kunnen verbeteren, het beeld van de rol en betekenis van Europa kunnen verduidelijken. En als programma’s kunnen rekenen op lokale en regionale steun is de uitvoering meestal beter én goedkoper.
Kortom: een Europadebat kan heel concreet zijn en dat  is nodig. Het is aan volksvertegenwoordigers en bestuurders om het voortouw te nemen!
"

Marten Wiersma